


|
Kinderoefentherapie & oefentherapie Cesar |
|
Wietske Stap |
|
Kinderoefentherapie |
|
INDICATIES VOOR KINDEROEFENTHERAPIE · vertraagd tempo in het behalen van de motorische mijlpalen van (baby tot peuter) volgens het van Wiechen schema · veel vallen/ houterig bewegen · moeite met balvaardigheden · faalangst onder andere tijdens de gymles · moeite met fietsen of zwemmen aanleren · problemen met tekenen en schrijven · motorische problemen bij gedrag en informatieverwerkingsbeperkingen zoals ADHD, autisme en PDD-NOS, NLD, DCD. |

|
Motorische onderzoek
Wanneer het vermoeden bestaat dat er motorische problemen zijn in de ontwikkeling van een kind, kan het door de school, huisarts of specialist doorverwezen worden naar een kinderoefentherapeut.
Om te beginnen wordt een vragenlijst met de ouders doorgenomen om een indruk te verkijgen naar de hulpvraag. Vervolgens wordt de motoriek van het kind geobserveerd en onderzocht terwijl het verschillende opdrachten uitvoert. Met behulp van de Movement-ABC test wordt beoordeeld of het bewegen leeftijdsadequaat ontwikkeld is. Ook wordt de kwaliteit van het bewegen wordt uitvoerig onderzocht.
Naar aanleiding van het onderzoek wordt een verslag geschreven met daarin een voorstel voor behandeldoel en plan. De uitkomst van het onderzoek wordt met de ouders/verzorgers besproken. Daarna zal de therapie eventueel gestart worden. |
|
Motorische observatie
Voor de leeftijd van 0 tot 4 jaar wordt gekeken naar: · behalen van motorische mijlpalen (rollen, zitten, kruipen, grijpen, staan lopen) · spierspanning · patronen van houding en beweging (motoriek) · basis automatische reacties (spel)
Voor de schoolleeftijd van 4 jaar en ouder wordt gekeken naar: · evenwicht · grove motoriek · oog-handcoördinatie · fijne motoriek/ schrijfmotoriek · gelijktijdig bewegen van armen en benen · lichaamsschema/ tijd-ruimte oriëntatie · leeftijdsadequaat toepassen van motorische vaardigheden · indruk van het gedrag |
